Hertlopen

Uncategorized

Wat doe je als je niet kunt lopen van de spierpijn? Dan schrijf je een blogje over hoe je aan die spierpijn komt. Iets anders kan ik op dit moment toch niet. De trap af is een drama, naar de wc stel ik zo lang mogelijk uit, want die 5 meter die ik af moet leggen kosten me 10 minuten met pijnlijke kuiten. Vanmorgen in de auto naar Breda was ik blij dat ik geen noodstop hoefde te maken, want mijn voet van het gaspedaal naar de rem verplaatsen kost tijd, moeite en veel energie. En dat alles voor het goede doel, de RopaRun.

Afgelopen zaterdag was er weer het Hertlopen van Roparunteam Hollander. Vorig jaar was het al een superevent, dus toen Janine me vroeg of ik weer samen met haar een team wilde vormen, hoefde ik niet lang te denken. Uiteraard wilde ik dat weer.

Ergens rond half 3 draai ik het parkeerterrein op en loop ik naar de startlocatie. Ik kijk omhoog richting het Hert. Wat staat dat beest hoog! Veel hoger dan in mijn herinnering….. Ik voel de spierpijn al opkomen, nog voor ik ook maar 1 stap gezet heb.

Om 14.50 is de start, Janine gaat als eerste omhoog en ik kan beneden nog even de kunst afkijken. Met een paar minuten is ze weer terug en mag ik aan mijn eerste ronde beginnen, omhoog, rustig aan, kleine pasjes en vooral niet kijken hoever ik nog moet. Want dat is nog heul ver! Bovenaan gekomen krijg ik een knipje in mijn knipkaart en kan ik heerlijk omlaag en de knipkaart overhandigen aan Janine. Ff pauze.

Tot ronde 15 gaan we om en om omhoog, maar dan geeft Janine aan dat haar blessure te veel opspeelt en dat ze wil stoppen. Jammer, maar dat is wel al ingecalculeerd. Ik wist dat die kans erin zat en dus ga ik alleen door. Omhoog – omlaag – omhoog – omlaag. Aftellen, iedere keer dat ik boven een knipje krijg. Heerlijk omlaag denderen, slokje water beneden en weer omhoog sjokken, aftellen naar de 25e keer.

De laatste keer gaan Janine en ik samen omhoog. Het laatste knipje in onze knipkaart, foto bovenaan bij het hert en omlaag richting finish. Weer gelukt om 25 keer naar dat verhipte hert te lopen.

Vol bewondering blijven wij onderaan staan kijken naar diegenen die maar blijven doorlopen. Omhoog-omlaag-omhoog-omlaag, er zijn deelnemers die er geen genoeg van kunnen krijgen. De winnende dame liep in 2 uur tijd 48x omhoog! Ongelooflijk!

Ik heb nu al 2 dagen flinke spierpijn, 2 dagen napret zal ik het maar noemen….. Volgend jaar moet ik toch echt meer heuveltjes trainen! Maar ja, dat zei ik vorig jaar ook….

Advertenties

Tegenstelling

Persoonlijk, Trailrunning

Tegenstellingen, ik houd ervan. Uitersten, niet alles hetzelfde, afwisseling, ontdekken, grenzen opzoeken, neus stoten, vallen en opstaan, stoppen en verdergaan, opnieuw beginnen, afzien en tegelijk genieten. Ook in mijn werk is elke dag anders, nooit saai en voorspelbaar. Mijn weekenden zijn gelukkig ook steeds vaker gevuld met afwisseling, drukte en stilte.

Dit weekend genoot ik weer van zo’n tegenstelling. De vrijdagavond lag ik lam op de bank na een week van veel uren werken. Lekker languit, tv aan, pot thee, zak chips, boek ernaast, gewoon niets van plan. Maar dan begin je te appen, er waren wat feestjes in Eindhoven, wie ging waar naartoe? En ging ik ook nog ergens naartoe? Nee, geen zin, ik blijf lekker op de bank hangen.

Een uur later stap ik een donkere, drukke, volle, lawaaierige kroeg binnen. Biertje hier, praatje daar, oude vrienden, nieuwe bekenden. Heerlijk zo’n groep mensen, waarbij je je meteen op je gemak voelt. Het werd redelijk laat en ik was heel blij met mijn lift naar huis, want rechtop op de fiets zou best wel moeilijk zijn geweest op dat moment.

Zaterdag word ik wakker van de zon in mijn gezicht. Heerlijk om zo wakker te worden, gewekt worden door een uitbundig, stralende zon. Na wat opstartproblemen, toch af en toe wel moeilijk na zo’n vrijdagavond….. loop ik uiteindelijk tegen het middaguur de deur uit, en het bos in. Fijn om in de stad te wonen en toch met 500m in het bos te staan. De bedoeling is een rustige, weer iets langere duurloop dan vorige week. Gewoon wat zwerven en maar zien waar ik uitkom.

Het eerste stuk bos is nog best bevolkt, met wandelaars en baasjes die hun hond rondslingeren. Maar als ik eenmaal over de A67 ben, wordt het stiller en rustiger. Hier kom ik bijna niemand meer tegen. Weg van de drukte, paadje links, paadje rechts. Geen idee meer waar ik ben. Heerlijk met dit mooie weer in een stil bos. Geen mensen, geen gezeur, geen drukte, geen verwachtingen. Alleen ik en de bomen, het geritsel in de struiken, de zon op mijn pad. Genieten met hoofdletter G.

Bryan Adams blijft in mijn hoofd zingen:
Eighteen ‘til I die, gonna be eighteen ‘til I die
Ya it sure feels good to be alive
Someday I’ll be eighteen goin’ on fifty five, eighteen ‘til I die

Steeds vaker het gevoel dat het leven zo verdomd leuk kan zijn!

Een uur of 2 later ben ik weer thuis. Moeie benen, maar met het gevoel weer iets gedaan te hebben dat op duurloop lijkt. Heerlijk, een avond in een drukke kroeg, harde muziek en veel mensen. De volgende dag, rust en stilte en het remy-gevoel. Ik houd ervan!

Eindelijk!

Persoonlijk, Trailrunning

Er was een tijd dat ik heel trots was dat ik 10 km kon hardlopen. Ik, de net wat te zware, chips-etende, bank zittende huisvrouw kon gewoon 10 km hardlopen. Wowwie, wie had dat ooit gedacht van mij?

Daarna volgde een periode van afstanden lopen, verder en verder. Een 10 km stelde niks meer voor, halve marathons, een paar hele en zelfs een aantal ultra’s. Met als hoogtepunt de 80 km bij de Ecotrail in Parijs, alweer 2 jaar geleden.

Maar na dat hoogtepunt liep niks meer. Mijn huwelijk niet, mijn leven niet en zeker mijn benen niet. Een heel zwart, donker en diep dieptepunt volgde. Zelfs een 5 km koste moeite en kon ik niet volbrengen zonder 2 of 3 keer een stukje te wandelen. Teveel gedonder tussen de oren. Ik moest van mezelf lopen, naar buiten, het bos in. Niet omdat ik daar gelukkiger werd, maar van op de bank blijven zitten, wist ik dat ik nog ongelukkiger zou worden. Dus bleef ik lopen, sjokken, wandelen, kruipen. Kilometers werden wel afgelegd, maar totaal niet zoals ik het wilde. Plezier was heel ver te zoeken, onvindbaar. Het hardlopen, wat mij zoveel geluk en plezier, zoveel mooie momenten bracht in de afgelopen jaren, was een moeten geworden. Moeten en mezelf dwingen om naar buiten te gaan. Dwingen om het bos in te gaan. Dwingen om te bewegen.

Ik probeerde korte stukjes en langere stukken, op vff’s of op schoenen, in bos en op asfalt, intervallen en lange duurlopen. Ik probeerde het met trainer en schema en ik probeerde het zonder. Maar het hielp niks. En uiteindelijk leidde het zelfs naar het stoppen met lopen. Dan maar bankzitten en chipsvreten, dat kon ik in ieder geval wel goed, zonder mezelf teleur te stellen.

Maar hoewel ik graag op de bank zit, in mijn hoekje, onder een dekentje, met netflix of met een boek, met chips en thee, er begon ergens vaag toch iets te kriebelen. Al mijn vriendjes en vriendinnetjes lopen wel. Lang en/of ver en/of snel. En ik zat daar maar. En langzaam wilde ik ook weer. En zo gebeurde het dat ik op een druilerige zondagmiddag toch weer mijn vffjes onderbond en naar buiten ging. Ik hoefde van mezelf maar tot de hoek, maar bij de hoek ging ik door naar de volgende hoek. En ook daar voorbij. Het werden nog wat hoeken meer en eigenlijk voelde het best prettig. Met een paar kilometer was ik weer terug. Thuis op de bank. Bij de thee en chips. Niet ver, maar wel lekker gelopen.

Na die tijd ging ik toch weer vaker de deur uit. Eerst een paar keer een erg kort stukje. En toen werden die korte stukjes ietsie langere stukjes. En eigenlijk ging het best lekker. Langzaam, zeer sloom zelfs, maar wel lekker. Ik betrapte mezelf erop dat ik zelfs weer om me heen keek, de bomen zag die weer groen werden, de vogels hoorde die weer floten. Er bleek zelfs een heus bos vlakbij mijn voordeur te liggen. De afstandjes werden stiekum steeds iets verder, de onbekende paden steeds bekender.

En om weer te proeven aan het “echte” trailrunnen, schreef ik me in voor een heuse wedstrijd. Een wedstrijd van wel 10 hele kilometers! Afgelopen zaterdag liep ik de Sint Anthonis Trail. Het regende en waaide, maar diep van binnen voelde ik weer dat trailrun-gevoel, blijkbaar is dat toch niet helemaal dood. Ik heb genoten van begin tot eind. Niet omdat het altijd even makkelijk liep, maar wel omdat ik er plezier in had. Pijltjes volgen, mul zand, bospaden, single tracks, wat brede bospaden. Blijven opletten om geen pijltje te missen en pavlov-reacties als ik fotograaf Chris ergens zag. Mooie trail, mooie omgeving en hopelijk de start van veel meer trails de komende maanden en jaren!

’s Avonds ging ik uiteraard op zoek naar een volgende leuke wedstrijd. Meteen maar iets met een ultra afstand? Of loop ik nou iets te snel te ver op de zaken vooruit?

Brabantse Kluis Trail

Trailrunning

De laatste keer dat ik een trail liep….?? Ik denk dat het vorig jaar maart in Parijs was, de EcoTrail. Lang geleden dus. Te lang geleden! Afgelopen zaterdag deed ik mee aan de Brabantse Kluis Trail. En dat voelde me toch goed!! Niet dat het makkelijk ging, wel omdat ik heb genoten van begin tot eind!

met mandy

Voor de start

Rond 11 uur loop ik de binnenplaats van het Missieklooster in Aarle-Rixtel op. Ruim op tijd voor  startnummer ophalen en een praatje met Mandy en de andere Inknburn-dames.  Tegen 12 uur krijgen we de briefing met uitleg over de uitpijling met linten en daarna mogen we door de koeienstal naar de start. Klaar voor 20 km trailen. Althans…. zo klaar als ik kan zijn met m’n matige opbouw en nog steeds beperkte conditie, maar met het vertrouwen dat ik die 20 km uiteindelijk zou finishen.

water

Natte voeten in de laatste paar km

Ik start achteraan, het plan is om van begin af aan m’n eigen tempo te lopen en me niet te laten opjutten door wie dan ook. Mandy stuur ik vooruit, niet wachten, gaan! Het parcours is fijn afwisselend, hoog gras, bospaden, trailpaadjes, weilanden, door hekjes, een keer over een hek en in de laatste kilometers nog door een slootje. Precies zoals een trail dus hoort te zijn.

En precies zoals (voor mij) bij een trail hoort, loop ik ergens verkeerd. Zoveel lintjes aan de bomen, zoveel vlaggetjes in de grond. En toch lukt het me om een afslag te missen en even niet meer te weten waar ik ben en waar ik heen moet. Maar gelukkig heb ik het zelf snel in de gaten en kan ik teruglopen om de juiste route weer op te pikken.

ikEn dan is daar de finish. Heerlijk gelopen, best blij dat ik deze afstand zonder problemen (al wandel ik te vaak naar m’n zin) weer aankan. Niet moe en het idee dat ik nog wel een stukje verder zou kunnen op deze manier. Mandy staat me al op te wachten. Een fijn onthaal plus chips en chocolade bij de finish, wat wil een mens nog meer? Samen lopen we naar de binnenplaats van het klooster terug en daar mogen we (ipv een medaille) een biertje bestellen met de gekregen consumptiebon. Een lekker witbiertje wordt het, want meteen in de auto stappen was toch al geen optie 🙂

bierEén voor één vertrekken alle lopers, het wordt steeds rustiger op de binnenplaats. Maar Mandy en ik vinden het hier wel prima. Biertje, lunch, koffie, zon, prettig gezelschap, wat wil een mens nog meer? Ja, een betere conditie, dat dan nog wel. Maar daar wordt hard aan gewerkt!

En dan nu, op naar de volgende trails, op naar meer kilometers, op naar een betere conditie! Proost!

NaturaRun Hoeilaart

sportevents.be

Het is zaterdagavond, nauwelijks half 11. Door het open raam komen de vrolijke geluiden van de Dommelstraat, 10 verdiepingen lager, naar binnen. Ik lig al in bed. Met de wekker op 5 uur. Ja, je leest het goed. De wekker op 5 (vijf!!!) uur. Op zondagmorgen!

Toen ik me opgaf als vrijwilliger voor de NaturaRun in Hoeilaart, wist ik niet eens waar dat lag. Ergens in Belgie ja. Zo ver was ik wel. Maar zo ver kon dat toch niet zijn? Ja hoor, ik kom wel vrijwilligen, geen probleem. Totdat ik dus ging opzoeken waar Hoeilaart nou eigenlijk lag en hoe ik er moest komen. Nou, dat was toch best een aardig eindje rijden. En als je daar dus voor 8 uur moet zijn, dan moet je vroeg je nest uit. Heel vroeg. En op een zondagmorgen tikt dat extra aan.

Maar het is wel rustig op de weg en zelfs op de ring om Antwerpen is het nog doodstil als ik daar om nauwelijks half 7 langs rijd. Da’s dan weer wel een voordeel. Ach ja, zo heeft ieder nadeel een voordeel. Na 1,5 uur sta ik bij de B&B Hippo-Droom geparkeerd en ga ik op zoek naar de race director om me te melden en te luisteren naar de briefing.

Mijn eerste taak is het tegenhouden van auto’s naar de oprit van de Hippo-Droom. Want daar is domweg geen parkeerplaats voor de 1000 deelnemer van vandaag. Iedereen heeft een briefing gekregen waar te parkeren, maar een groot deel heeft die mail blijkbaar niet/niet goed gelezen. “Sorry, geen parkeerplaats, even draaien, bij stoplichten links, daarna rechts, daar kun je parkeren, teruglopen via de loopbrug langs het spoor” wordt mijn mantra. Hoe vaak ik die herhaalt heb….. geen idee. En zolang dat in het Nederlands kon, geen probleem. Maar ik kwam er al snel achter dat ik in franstalig Belgie stond. En nee, frans is nou niet echt mijn beste taal. Non parking, ne pas de parking, velen wilden het niet snappen. En mijn uitspraak van gauche et droite zaait blijkbaar nogal wat verwarring, onbegrijpelijke gezichten krijg ik.

De meeste deelnemers maken er geen punt van en keren hun auto. Maar niet iedereen is zo gehoorzaam. Regelmatig zie ik een geaggiteerd gezicht. “Ja maar, de race begint zo en ik ben al laat” Sorry, slecht excuus. Bovendien is er dus echt geen plaats. En als ik dan wel een auto van het rode kruis doorlaat, terwijl een deelnemer net draait om terug te rijden, krijg ik een scheld cannonade over me heen. “Waarom mag die wel door en ik niet?” Tsja…. op sommige vragen geef ik maar gewoon geen antwoord. Neem aan dat het retorisch bedoelt was.

Na zo’n 2 uur word ik afgelost en begin ik aan de volgende taak. De tasseninname. Gelukkig doe ik dit samen met een 2-talige belg. Want vragen begrijpen die me in het rap frans gesteld worden, je ne comprendre pas! En als je de vraag niet weet, is antwoord geven vrij lastig. Gelukkig schakelt mijn tassenpartner vloeiend over van nederlands naar frans en weer terug. Ik plak gewoon een heleboel nummertjes op een heleboel tassen en laat de rest maar aan hem over.

 

Daarna ga ik helpen bij de eindbevoorrading. We zetten de kraam op, vullen bakken met pannenkoeken, winegums, peperkoek, chocolade, worstjes, chips, rijstepap, bananen en sinaasappels. Watertonnen worden gevuld met liters en liters water en we zijn klaar voor de massa. Hoeveel sinaasappels ik gesneden heb die dag, geen idee. Ik sneed, zij pakten weg en ik sneed weer verder. Ongelooflijk zoveel eten dat we hadden, ongelooflijk hoe snel alles ook weer weg was, we bleven aanvullen en bijvullen. Zij bleven pakken en eten. Tijdens de piekmomenten kwamen ze zelfs achter de tafel eten pakken, omdat de rij ervoor zo groot was.

Iets na 13 uur zijn de laatste lopers binnen, en dan is alle voorraad verdwenen en kunnen we op adem komen. Even tijd om zelf iets te eten en drinken, voordat alles afgebroken en opgeruimd moet worden. Alle tenten inklappen, startbogen leeg laten lopen en opvouwen, alle kratten met spullen weer inpakken, zandzakken, tijdregistratiespul, dranghekken, watertonnen, en nog zo’n 100 klein losliggende zooi moet in de bus. Ik kijk naar de spullen en kijk naar de bus en geloof nooit dat alles er in past.

Maar onze race director heeft ervaring met tetris. Hij weet precies hoe alles de bus in moet, dit onderop, dat er bovenop, dit ertussen en dat er achterlangs. Eén voor één wordt alles ingeladen en het wonder geschied: alles past! Het is half 4, alles is opgeruimd, de NaturaRun is succesvol afgerond. Yeah!

bordDan is het tijd om zelf de omgeving zelf te verkennen. Omkleden en de 12 km route lopen om te zien hoe mooi dit bos is. Eigenlijk twijfel ik van tevoren al, want van 8 tot 15.30 op je benen staan, werken en sjouwen en daarna nog een eindje lopen….. ik weet het niet….. Maar ja, hee, ik ben hier in het Zonienwoud, dus daar moet ik van profiteren! Omkleden, rugzakje op met water, horloge starten met de route en gaan!

Echt heuvelachtig is het hier niet, maar vals plat kennen ze wel. Vooral omhoog volgens mij. M’n benen laten weten dat ze een mening hebben en liever willen gaan zitten. Eigenlijk wil ik dat ook wel, heerlijk in de zon, maar toegeven in de eerste km dat kan natuurlijk niet. Ik loop dus door. Beetje rondkijken, beetje sjokken, beetje lopen. Maar nee, lekker hardlopen is er niet bij. Ik geeft toch maar toe. Maar als je middenin een mooi bos staat, dan ga je niet de kortste weg terug, dan ga je gewoon door. Dan maar wandelen. Dan zie je nog meer ook.

Dit bos is vrij open, lange brede paden. Althans, het stuk dat ik ervan zie. Wat hier heel mooi is, is het bloementapijt tussen de bomen. Daar waar ik loop zijn het allemaal witte bloempjes, maar ik weet dat er ook delen met blauwe bloemen moeten zijn. Daar kom ik deze ronde helaas niet, maar dat wil ik ook nog wel een keer zien. Misschien moet ik over een paar weken nog eens terugkomen voor de 20 km route, de omgeving is er mooi genoeg voor.

Om 17 uur sta ik weer bij de auto, geen 12 km trailrun, maar een 8 km wandeling werd het. Ook goed voor nu. Tijd om naar huis te gaan, tijd om er achter te komen of “mijn” thuisclub kampioen is geworden tegen de tijd dat ik weer in de stad ben. Dit was mijn 1e klus als vrijwilliger bij Sportevents.be, de volgende zal de wielerronde in Achel zijn. Die belgische stad weet ik in ieder geval wel te vinden 🙂

Nieuwe ronde, nieuwe kansen

Persoonlijk

Een verhuizing kost toch best energie. Daar had ik me eigenlijk wel op verkeken. Ik dacht op het ene adres m’n deur dicht te trekken en ’s avonds op het volgende adres naar bed te gaan en dat was het dan. Maar hoewel dat inderdaad de praktijk was, is het toch energieverslindender dan dat. En dan vooral tussen de oren en alle gedachten en gevoelens die daarbij horen.

Maar na 2 maanden op m’n hok in Eindhoven wonen, begin ik langzaam maar zeker m’n draai te vinden. Je leert mensen kennen. Letterlijk. Vrienden waarvan je dacht op ze te kunnen rekenen, blijken toch minder betrouwbaar. En sommige vage contacten blijken dan weer juist wel een extra steunpunt. Bijna komisch hoe je je in mensen kunt vergissen, ik zou erom lachen als het niet af en toe best wel pijn deed. Maar gelukkig zijn er ook heel veel vrienden die wel die steun waren, die duw in de rug als het even wat minder rooskleurig was allemaal.

grijnsOok het hardlopen, tot een klein jaar geleden mijn toevlucht, begint weer een enigszins  fatsoenlijke vorm aan te nemen. Ik zit bij lange na niet op de kilometers die ik voorheen liep, maar er komt weer lijn in. En wat eigenlijk belangrijker is dan die kilometers: er komt weer plezier in. Steeds vaker betrap ik mezelf erop dat ik loop te grijnzen tijdens het lopen. Niet zozeer tijdens de opgedragen intervallen, maar de langzame duurloopjes beginnen weer prettig te voelen. Zal het nog niet keihard zeggen, maar de looplol komt weer terug, hiephoi.

En als ik dan bij 1 van m’n werkgevers laat vallen dat het vanmorgen best koud was tijdens het lopen, krijg ik een spontane uitnodiging om met het bedrijventeam mee te doen tijdens marathon Eindhoven. Kijk, soms heb je maar kleine lichtpuntjes nodig om het weekend goed in te gaan!

Terugweg

Persoonlijk

7b7169fda7704dccca35ba34a8b3f3e1--the-happy-being-happyIn tegenstelling tot al die stemmen in mijn hoofd, is het hier stil, heel erg stil.

Het lijf is blessurevrij en kan lopen, maar het hoofd is één en al blessure en houdt alles tegen. Als het tussen de oren niet goed zit, dan werkt niks meer.

Wat doe ik er aan? Hoe breng ik alle stemmen, alle gedachten tot stilte. Naar welke stem luister ik? Naar welke juist niet? Hoe kom ik uit een een bodemloze put? Wanneer zie ik weer die blauwe hemel?

Labeltjes plakken doe ik niet. Heeft geen zin. Blijven hangen heeft ook geen zin. Ik heb altijd geloofd in doorgaan en doorzetten. En dat doe ik nog steeds. Als je niet rechtdoor kunt, dan maar links- of rechtsom. Sinds half januari ben ik van het rechte pad af en zoek ik mijn weg links en rechts.

Of dit nieuwe pad de juiste is, moet nog blijken. Er zal nog regelmatig vanaf geweken worden, op zoek naar het gestelde doel. Op dit moment lijkt het erop dat het zwart wat minder zwart wordt. Wat in 10 jaar is opgebouwd, is in een paar weken niet verdwenen. Maar er wordt nu wel aan gewerkt en dat is al een grote stap in de juiste richting!

large(7)

 

Nog ever kort over de halve van Haarlem die geen halve werd

Halve van Haarlem

Vorig jaar liep ik namens Vitaminestore Eindhoven de halve van Haarlem. Top geregeld, mooie dag, prettig gezelschap. Dus was het niet zo raar dat ik dit jaar best wel weer naar Haarlem wilde. En met Bas, Brigitte, Kitty, Jan, Janine en Toine, was er een heel erg prettig gezelschap om een mooie zondag in Haarlem door te brengen!

Met de gedachte: “na de 4daagse pik ik de trainingen weer op en loop ik die halve gewoon wel even” schreef ik me in. Maar ja….. het trainen wil niet echt zo vlotten zoals ik had gedacht. En ik zag 24 september steeds dichterbij komen, terwijl ik amper 5-8 km per training liep. Om dan 21km op het tandvlees te lopen…… Uitlopen zou best lukken, maar wat mij betreft moet hardlopen vooral om het leuk gaan, afzien op z’n tijd mag best, maar hier had ik geen zin in. Dus met fikse tegenzin een mailtje naar de Vitaminstore gestuurd en opeens deed ik niet meer mee in het bedrijventeam van de halve marathon, maar van de 5 km. Het was ff slikken, niet meedoen aan het hoofdnummer, maar aan een baby-afstand, het koste wat moeite in mijn hoofd.

Maar uiteindelijk had ik toch een fijn weekend in Haarlem. Samen met man een hotelkamertje in het centrum, wat shoppen, drankjes met Bas en Brigitte op de markt en eten op het strand met Kitty en Jan. En zondag ontvangen worden als VIP’s bij de Philharmony, goed verzorgd door de Vitaminestore, even een klein half uurtje lopen, de groep wel echte hardlopers uitgeleide doen voor hun 21 km, nog wat shoppen, bitterballen in de Philharmony, terug naar de finish en iedereen weer binnen zien komen. Daarna met z’n allen eten en helaas weer naar huis.

Tevreden over afstand en tijd? Nee, absoluut niet! Had ik een prima weekend? Ja, dat dan weer wel. Maarre…. er moet echt wel snel iets gebeuren aan die conditie. Want dat ik geen plezier heb aan het lopen van 5 km, dat staat als een paal boven water!

 

GO SSwimm! (Goudse Singels Swimmm)

GoSwimm, Gouda, Zwemmen

Sommige relaties zijn erg prettig, maar mijn relatie met Huub is er niet echt eentje met warme gevoelens van mijn kant. Hij zorgt wel voor warmte, maar belemmert mij behoorlijk in mijn vrijheid. En ik twijfelde dan ook met grote TWIJFEL of ik hem wel wilde meenemen naar Gouda. Maar nadat ik hier en daar eens gepolst had bij wat meer ervaren zwemmers, die allemaal zeiden: “natuurlijk met Huub naar Gouda, tis koud!” besloot ik hem dan toch maar mee te nemen. Maar stiekum had ik steeds in mijn hoofd om het zonder hem te doen.

Na 1,5 uur rijden (ja… ik weet het, achterlijk voor 1 km zwemmen!) komen man en ik aan bij de Kleischuur in Gouda. De auto parkeren is geen probleem en aangezien we te vroeg zijn kunnen we met een kop koffie wachten op Ankie die ook zo idioot is om voor die ene kilometer naar Gouda te rijden. We zitten lekker achter de schuifpui in de zon en ik verkondig net aan mijn man dat ik gewoon lekker zonder Huub ga zwemmen als de zwemmers van de 3km langs komen zwemmen. Zo goed als allemaal in wetsuit. Ai… daar gaat mijn stoere uitspraak. Misschien beter toch met…??

Om kwart over 2 haal ik mijn startbadmuts op bij de organisatie en spreek ik een paar net gefiniste zwemmers. Is wetsuit nodig? JA! Zeggen ze. Ow…. Mijn vertrouwen wankelt. Toch maar samen met Huub het water in? Ankie twijfelt totaal niet, die zwemt sowieso in wetsuit. Ik besluit te luisteren naar de meer ervaren zwemmers en me in mijn wetsuit te hijsen. Ik krijg het al warm met aankleden, pfff, zo’n pak is niet echt gemaakt om makkelijk aan te krijgen en prettig te bewegen, maar ja, warmte in het water is wel wat waard. Ik ga deze klus klaren met Huub!

Op de kant, voor de start, zie ik opeens Jan en Kitty staan blauwbekken. Ik dacht dat ze niet mee zouden zwemmen, dus ik ben redelijk verrast. Die had ik niet verwacht. Zij hebben de 3km gezwommen en zijn al klaar. Vooral Kitty heeft het erg koud en ik bedenk me dat ik toch wel slim ben om hier in mijn wetsuit te staan. Zeker toen Jan nog wat trok en duwde aan mijn rubbere pak en het leek alsof het prettiger zat, wist ik dat het goed was zo. Huub en ik, wie weet wordt het nog wat!

21430102_1664393933606006_7847081846447744417_n

Samen met Ankie, zenuwachtig voor de start

Tijd voor de start. Samen met Ankie luisteren naar de briefing, rechts zwemmen, naar de sluis, om een boot heen en terug naar de finish, met 2 handen aantikken en dan via trapje weer uit het water. Klinkt simpel genoeg. Eén voor één worden alle zwemmers opgeroepen om het water in te gaan. Nummertje 29 klimt wat voorzichting in de singel, toch best wel fris, maar goed te doen. Beetje dobberen in het water, kop ff onder water, ach, valt best mee. Toch wel fijn dat ik Huub aan heb. Een vrouw in badpak naast me had het erg koud. Ze klappertande. Ik ben blij met Huub. Goede beslissing, want ik heb het totaal niet koud.

 

21433244_1664393893606010_149525237557285929_nNa zo’n 5 minuten mogen we starten. Yes, mijn eerste zwem”wedstrijd” gaat nu echt beginnen! Beetje uitkijken waar ik zwem. Ik doe een poging tot borstcrawl, 3 slagen en ik zwem tegen mijn buurvrouw op. Of zij tegen mij. Sorry. Verder. Paar slagen schoolslag, ff kijken waar ik naartoe ga, hoe het gaat. Pff, warm. Borstcrawl. Groene soep om me heen. Het water is helemaal niet koud. Ik kan alleen mijn schouders niet goed draaien. Warm krijg ik het ervan. Nu al. Waarom is die kraag zo hoog? Hoe kan een mens zo ademhalen? Even rustig worden Es. Schoolslag. My god, wat is het warm! Ik wil m’n pak uit. Blik op mijn horloge. Pas 70m gezwommen. Djeez, moet ik nog meer dan 900m in dit pak? Ik zie mijn man langs de kant lopen. Oeps, ff een fatsoenlijke borstcrawl voor de foto’s. Nog warmer. Pak MOET uit! Ik kijk op. Geen man meer. Achter me loopt hij terug. Wat? Nee! Kom hier, ik wil op de kant gehezen worden en zonder Huub verder! Maar ik moet door. Nog 850m. Ow help, hoe gaat me dat lukken? Borstcrawl, niet letten op die **tmouwen, gewoon bewegen. Lukt niet. Schoolslag. Dan kom ik ook vooruit, alleen niet zoals ik wil. Echt, Huub kan de klere krijgen, onze relatie is bij deze over en voorbij! Nooit meer! Maar de komende 790m zal ik het met hem moeten doen.

Een vrijwilliger op een sub: “alles goed?” Ik grimas “ja, alles goed”. En denk: Nondeju, nee, helemaal niet alles goed. Warm! Ik wil mijn pak uit. Zal ik vragen of ze me vanaf de sub kan helpen? Maar nee, dat gaat toch niet lukken. Doorgaan dus. Schoolslag dan maar en tot rust komen. Onrust in mijn kop helpt niet, dus gewoon door gaan. Tot waar moet ik zwemmen? Ik zie aan de linkerkant de 1e zwemmer terug komen. Zo ver kan het dus niet meer zijn. Djeez, wat een eind! Nog nooit eerder zwom ik 1 km achter elkaar, zonder na elke 25m even te kunnen stoppen. Of even te kunnen staan. Geen idee hoe diep het hier is. Zou ik kunnen staan? Ik probeer het maar niet. Hoever nog? Hoe ver is 500m? Waarom doe ik dit? Mopperdemopper! Achterlijk gedoe, wie wil er nou zwemmen in zo’n singel met Huub?

En dan komt de skippybal in zicht, en de boot waar we achter langs moeten zwemmen. Een duiker in het water vraagt hoe het gaat. En ik realiseer me dat het best goed gaat. Ik krijg een soort ritme te pakken. Om de boot heen en terug naar de finish. Beetje om me heen kijken. Wat een mooie lokatie om te wonen, sommige huizen staan echt pal aan het water. Wat moet dat schitterend zijn om in te wonen. Aan de linkerkant zie ik 2 deuren. Op de ene staat IN op de de ander TIU. Tiu…?? Het duurt even, maar het kwartje valt dan toch. Paar slagen borstcrawl weer proberen Es, daar kwam je voor. Opkijken en zien dat ik bijna tegen een boot aan bots. Grinnik. Dat zal me in het zwembad niet vaak gebeuren. Nog eens proberen, nu beetje rechts aanhouden en beetje meer roteren proberen, misschien lukt het dan wel met mijn schouders. Pff, nee dus, djeez, kl*tepak! Schoolslag. Dan zie ik ook veel meer. Wel zo leuk!

21433276_1664393963606003_1792203152533115538_nHet gaat best lekker. Nu ik eraan toegeef dat het niks meer wordt en lekker om me heen kijk, krijg ik er gewoon plezier in. Het is echt leuk om hier in het water te dobberen. Mooie gebouwen, de boten langs de kant. Het is hier best prettig zwemmen. Hee, is daar de brug alweer? Nu al? Daar gingen we op de heenweg ook onderdoor. Teken dat we er al bijna zijn. Even een paar slagen op mijn rug om de onderkant te bekijken. Mijn enige kans om die eens te zien. Hmm… niet veel aan te zien. Terugdraaien. Vooruit weer. En daar is de boei die het begin van het start/finishvak aangeeft. Ben ik al zover? Sjit, het begint nu net pas leuk te worden. Publiek langs de kant. Ow.. toch nog even laten zien dat ik echt wel borstcrawl kan. Paar slagen, kijken waar ik ben, weer een paar slagen, kijken waar het finishbord is, ah, beetje rechts aanhouden. En dan ben ik er. Met 2 handen (zoals ons gezegd was!) tik ik het bord aan. Ik krijg meteen te horen: “goed gedaan, netjes binnen het half uur”. Hee, denk ik dat was het plan vooraf. Niet verzuipen was uiteraard mijn 1e doel, binnen half uur het 2e. Mooi, toch nog min of meer gelukt! Nog een paar meter verder word ik via het trappetje uit het water geholpen. Mijn eerste opmerking is: “snel pak uit, veels te warm”. Een vrijwilliger kijkt me verbaasd aan: “warm? dat heb ik nog niemand horen zeggen!”. Nou echt, ik kan niet wachten om afscheid te nemen van Huub. Eigenlijk wil ik zonder Huub nog wel een stukje zwemmen. Zal ik vragen of ik nog een keer mag?

21462714_1664394023605997_5659295927903586563_n

Al met al ging het niet echt soepel en niet  zoals ik had gehoopt. Want 30 min over die km is eigenlijk best wel veels te lang. Met een borstcrawl had ik dat dus echt wel een paar minuten sneller gekunt. Maar ja. Het was weer een leermomentje. Huub krijgt een schop onder zijn kont. Da’s niet meer mijn maatje in het water. Voor volgend jaar wil ik graag een wetsuit zonder mouwen. Want als je je schouders niet kunt draaien, dan lukt die borstcrawl dus echt voor gene ene meter!

Het 6e rondje eilanden

Het 6e rondje Eilanden

IMG-20170729-WA0015Het is 15.40 op zaterdagmiddag. Ik sta met nog een aantal anderen in de motregen op een ponton langs Eiland 1 in de Vinkeveense Plassen. Ik vraag me af wat ik daar eigenlijk doe. Waarom ik zo nodig daar wilde staan. Mijn starttijd is 15.41 en ik heb nog 1 minuut om me te bedenken. Maar eigenlijk wil ik dat niet. Bovendien staan Paula en Camiel in een startgroep achter me en die zullen me niet zomaar laten gaan. Niet na alle moeite die het ze gekost heeft, om mij zover te krijgen om toch te gaan starten 😉 Want toen ik vanmorgen de golven zag en de wind voelde, besloot ik niet te gaan starten. Maar toch sta ik nu hier. Nog 30 seconden…..

De speaker vertelt van alles. Ik hoor dat hij wat zegt, maar niet wat. Waarschijnlijk namen of nummers van de groep die nu aan de beurt is om het water in te gaan. Ik hoor het niet echt. Kijk om me heen en zie nummer 227 vlak naast me staan. Ik ben 229. Een startsein en 227 springt in het water. Ik bedenk me dat dit dus mijn startgroep moet zijn en dat ik nu dus ook moet. Terug is niet meer mogelijk, alleen vooruit, het water in.

Ik spring. Koud. Nat. Diep. Omhoog, kop boven water. Jemig, wat is dat water koud! Maar 1 oplossing: zwemmen en warm worden. Iets met ik worstel en blijf boven ofzo. Zwemmen en snel, want de volgende groep gaat zo springen en liefst niet bovenop mij. Weg van de ponton dus. Richting de brug. De eerste afstand is de langste (400m) en als ik dat kan, kan ik alles! Hoop ik. Houd ik mezelf voor. Onder de brug door, richting Eiland 2, het redelijk rustige water wordt minder rustig in de doorgang tussen de eilanden. Met mijn beperkte ervaring in open water (pas 3x eerder) is dit totaal nieuw. Borstcrawl wordt het vandaag niet, ik ben blij met de extra aandacht die zwemmeester Bart ook aan schoolslag besteed. Want geen haar op mijn natte kop die eraan denkt mijn hoofd onder water te steken!

Golven, windkracht 4 en ingehaald worden door andere zwemmers….. Water in mijn mond, rustig blijven, uitspugen en blijven bewegen. Eiland 2 komt in zicht, ik zie mensen langs de kant in het water lopen. Dus het is ondiep hier. Een geruststellend idee. Ik kan staan als het nodig is, maar blijf gewoon zwemmen. Ondertussen heb ik het niet meer koud, maar ril al bij de gedachte dat ik zo het water uit moet en dus zeiknat over Eiland 2 moet lopen. Rechtop komen, water uit, strandje over en hardlopen over het gras, langs de linten over eiland 2, richting de volgende plons. En het is gek genoeg helemaal niet koud. Weer een zorg die ik af kan strepen.

Ik wist dat de golfslag tussen Eiland 2 en 3 en daarna tussen Eiland 3 en 4 het ergst zou zijn. Gelukkig kan ik al vanaf de kant zien waar ik er weer uit mag, zo’n 150m zal het beide keren zijn. Maar djeeeez wat een golven. Op hoop van zegen plons ik er weer in. Tegen de golven in valt nog niet mee. Gelukkig liggen er wat reddingsbootjes in het water langs ons. Ik registreer ze en hoop ze niet nodig te hebben. En echt diep zal het ook niet zijn, dus gewoon rustig blijven en doorgaan. Hoe sneller ik zwem, hoe eerder ik er weer uit mag. Trapje op en rennen over Eiland 3.

En als ik dan ook van Eiland 3 naar Eiland 4 gezwommen heb, weet ik dat het ergste met de golven achter de rug is. Vanaf nu draait de wind en de golven worden dus minder. Bovendien zijn de afstandjes tussen de eilanden nu niet groot meer, soms zelfs maar 50 meter. Eiland na eiland verslint ik, het aftellen is begonnen. En dan opeens loop ik op Eiland 12 en weet ik dat ik nog maar 1x 50 meter hoef te zwemmen, nog maar 1x eruit hoef te klimmen en nog maar 1x een stukje hoef hard te lopen. Ik ga het gewoon halen!

Mijn laatste plons in het water. Gerard en Paula zie ik aan de overkant staan. Camiel staat bij het trapje om me eruit te hijsen en dan ga ik het laatste stukje lopen, richting de finishboog. Yeah man! Ik kan gewoon zwemmen en lopen en lopen en zwemmen. Zelfs met dit rotweer, zelfs met die golven. Finish over, horloge uit, en de verdiende handdoek om me heen slaan.

IMG_20170729_195837_251

Ik zag er behoorlijk tegenop. Wilde zelfs niet meedoen. Bang voor de golven, bang om ergens op een eilandje te blijven steken en niet meer verder te durven. Of nog erger, eruit gevist moeten worden door een reddingsboot. Allemaal spoken in mijn hoofd, want het ging gewoon goed, zonder problemen. Het water in de Vinkeveense plassen heb ik regelmatig geproefd, maar de zwemlessen hebben me wel de ervaring opgeleverd om rustig te blijven en niet in paniek te raken voor wat water. Blij dat ik het toch gedaan heb.

En reden genoeg om verder te gaan met de zwemlessen. Want dit was toch wel erg leuk.

Weer een √